Waarheen leidt deze vreselijke weg?

"Wij rijden wel even voor u uit, anders kunt u het niet vinden" zegt het Vlaamse echtpaar. We hebben een lange autorit achter de rug over de A-7 van Valencia, via Murcia en Alméria, naar Vélez-Malaga. We hebben met de sleutelhouders afgesproken op het parkeerterrein van de supermarkt. Ferry is moe, we hebben allemaal dorst en ik realiseer me dat we niets te eten en te drinken bij ons hebben, want we zaten tot nu toe in hotels. Maar ik durf niet voor te stellen om nog even snel de supermarkt in te gaan, want het Vlaamse echtpaar heeft haast, merk ik. En ach, in Spanje zijn de winkels tot 22:00 uur open, dus eenmaal aangekomen bij de villa, doe ik nog snel wat boodschapjes, besluit ik in mezelf.

De route van vandaag was prachtig. Het droogste stuk van Spanje, waar het landschap lijkt op een woestijn. In Lorca gingen we even lunchen. We lachten ons rot, want we hadden geen idee wat we hadden besteld. Niemand sprak er Engels en een menukaart hadden ze niet. Er stonden op het krijtbord wat onduidelijke namen waar we, behalve de pollo, weinig uit op konden maken. Het was veel, heel veel. Met z'n zessen zaten we aan een te klein tafeltje dat met de flesjes drinken en glazen al vol stond. Toen de borden eten werden geserveerd, hadden we even een uitdaging, maar de serveerster wachtte gewoon met opdienen totdat de eerste borden leeg waren. Stijn was zo intens aan het genieten van het malse rundvlees, de soep en geroosterde groenten, dat hij van ieder gerecht vroeg hoe het heette en een lijstje bijhield in zijn telefoon. Om nooit meer te vergeten.

IMG_2739 kopie

Het Spaanse tuinbouwgebied
De A-7 door het heuvelachtige Zuid-Spaanse landschap daalt af naar Alméria. Wat ons het meest verbaasde was dat we honderden kilometers tussen de kassen reden. Geen kassen van glas, zoals in Nederland, maar van wit zeil. Zo ver als het oog reikte, zag je die witte zeiltjes. Alméria heeft een leidende positie in de Spaanse tuinbouw en vertegenwoordigt meer dan 55% van alle Spaanse export. Het is een serieuze concurrent voor ons eigen Westland; de tomaten en komkommers die wij in de supermarkt kopen, komen veelal uit deze streek.

Pasted Graphic


Costa Tropical
Zodra je de kust bereikt is het uitzicht fascinerend. Hoog boven de zee slingert deze rustige snelweg langs de Costa Tropical. Een onontdekt stuk, waar geen toerist komt. Ik noteer op mijn verlanglijst dat ik de N-weg beneden, langs de stranden van de Costa Tropical een keer wil nemen. En de piepkleine vissersplaatsjes daar bezoeken.

almeria

Achter de Vlamingen aan
Aangekomen in Vélez-Malaga zijn we nog maar een paar kilometer verwijderd van de villa die ik voor de komende 4 dagen heb geboekt. Althans, dat denken we. We rijden braaf achter de Vlamingen aan, het achterland van Vélez-Malaga in. Na ongeveer 5 kilometer gaat hij ineens van de weg af, een soort onverhard zandpad op, waar diepe kuilen in de weg zitten en hele grote keien liggen. "Waar gaan we nou heen?" denk ik en zeggen de kinderen hardop. Gelukkig is mijn Ferry beslist geen watje en is hij dol op autorijden. Het kan hem niet bochtig en bergachtig genoeg zijn, daar krijgt hij een kick van. Maar ik ben wel een watje. Helemaal als ik in het ravijn rechts van mij kijk. En nog meer als ik bedenk hoe het moet als er een tegenligger komt, want dat past niet, dat gaat niet. Bovendien zijn we met 6 personen en een loeigrote dakkoffer zeer zwaar beladen. We hebben niet - zoals de Spaanse Vlamingen die hier wonen - 4 wiel aandrijving. Afijn, Ferry volgt de Belgen en rijdt behendig en uiterst geconcentreerd over de heuvelachtige, haast onbegaanbare weg.

DSC_7715-bewerkt


Kuilen en keien
Ondertussen roepen we ook 'ohhh' en 'ahhhh', want we gaan hoger en hoger, het uitzicht op de baai van Vélez-Malaga is schitterend. Het nadeel is echter dat er geen eind aan komt, aan dat Romeinse pad. Het begint al te schemeren. Af en toe zien we een oprit naar een finca en hopen we dat dat onze bestemming is. Maar nee, de Belgen gaan alweer de volgende bocht om en verdwijnen achter de heuvel. Zo gaat het een half uur lang. Door de kuilen en keien vrezen we voor een lekke band. Ferry is blij dat het 'maar een lease-auto' is waar we in rijden, want we horen de takken krassen tegen de portieren.

DSC_7735-bewerkt


Stijn roept alleen maar: "Kijk mam, meloenen! Kijk mam, mango's. Kijk mam, van die gekke cactusvruchten!" Mijn ecoloog in spé met eigen moestuin is helemaal door het dolle. En Meike ziet overal een paarden, schapen, hondjes, geiten. Ook helemaal gelukkig. Ferry rijdt. Jesse, Giel en ik zeggen niets. Wij zijn de bangepoeperds.

DSC_7718

De villa
En dan, eindelijk, rijden we een oprijlaan in en valt onze mond open van verbazing. Een spierwitte, prachtige villa, met een joekel van een zwembad straalt ons tegemoet. Meike en Stijn springen uit de auto en willen direct het zwembad in. Ik stap met klotsende oksels uit en voel dan pas dat ik sta te trillen op mijn benen. Ik zie Ferry ook opgelucht ademhalen en gelukkig doet hij even de social talk met de Vlamingen. Dan hoor ik gehuil. Giel zit opgerold in een hoekje op de achterbank te beven van angst. Hij heeft enorme hoogtevrees. Jesse staat wankel naast me en vertelt dat hij het ook een vreselijke rit vond. De Vlaamse mevrouw ziet het en neemt Giel onder haar hoede. Ze zet hem binnen in de villa op de bank, drukt op wat knoppen en zegt vol trots dat hij lekker Nickelodeon kan kijken. Het geschreeuw van Spongebob komt als een orkaan bij mij naar binnen. Ik zet de tv zachter, laat Giel met rust en loop braaf achter de kwebbelende mevrouw aan die mij de hele villa laat zien. Ik hoor verder niet wat ze zegt, want ik denk alleen maar aan het 'probleem' dat we nog maar 1 klein flesje water hebben, niets te eten en we mijlenver verwijderd zijn van de bewoonde wereld.